Languages

Geschiedenis van De Swaen


Geschiedenis

Genoemd naar de Zwanengang, een volkse steeg die in een rijke buurt lag, heeft de naam ‘De Swaen’ heel wat geschiedenis mee.

In zijn boek ‘Doorheen Oud Antwerpen’ schreef de Antwerpse auteur Amand de Lattin het volgende over de Zwanengang, die destijds nog berucht was als oord van ‘kantjesvolk’: “Oud kwartier der voddenrapers. Het straatje werd genoemd naar Silvester Swaene of Swaenen, waarschijnlijk de 16-eeuwse eigenaar van deze erve. Boven de ingang op de Sint-Jacobsmarkt bevond zich eertijds de afbeelding van eener zwaan.”

De Lattin noemde toen de lage huisjes die grotendeels uit die tijd waren pittoresk en een van de meest volkse steegjes van Antwerpen. Midden in de steeg hing een Onze-Lieve-Vrouwebeeld in een glazen kastje. Bij feesten werd er een schoteltje op een tafel voor geplaatst waarin geld kon worden geofferd voor het onderhoud.

12062643_469797163194756_1297795094_o

Screen Shot 2015-08-18 at 20.47.51

Op deze 19 eeuwe gravure van Puttaert wordt de Zwanengang afgebeeld als een slijkerig, ongekasseide gang. Hij omschreef het steegje ook als een ‘eng en afzichtelijk straatje.’ Nochtans bleef dit ‘vieze straatje van kantjesvolk en voddenrapers’ waar het Antwerps op zijn platste gesproken werd, nog bestaan tot na het midden van de 20ste eeuw. Op dit gebied wedijverde de ‘Zwanegank’ onbewust met de Seefhoek, het Faboert, het schipperskwartier en het Sint-Andrieskwartier.

De Zwanengang, die nog ressorteerde onder de Tweede Politiewijk, begon aan de Kattenstraat 20 en eindigde onder de doorgang van de Sint-Jacobsmarkt 33. Ook toen verbleven hier zeker geen gegoede bewoners.

Jammer genoeg, zoals het ook met de Zwanengang verging werden de meeste kleine straatjes van Antwerpen verlaten en in de loop van de laatste halve eeuw weggesaneerd. De enkele die nu nog overblijven zijn meestal opgeknapte toeristische trekpleisters of worden voor veel geld aan rijk volk verhuurd.